Tag: Missen

Lieve Pap

Het is drie januari, midden in de nacht. Ik kan niet slapen. Morgen is het zestien jaar geleden dat je uit het leven stapte. En ook al is veel verdriet en pijn gesleten, mijn lichaam en onderbewustzijn start in december met herinneren en houdt daar ergens in januari mee op. Dus zit ik nu weer rechtop om je dit te schrijven.

Je had het zo goed doordacht en georganiseerd. Alles netjes opgeruimd, zelfs de wasmand was leeg. Papieren georganiseerd. Je portemonnee in het zicht op de eettafel met je identiteitskaart er bovenop en je afscheidsbriefje voor mij er naast. Zodat de politie direct zou zien dat het om zelfdoding ging, zal je hebben gedacht. Jouw zus zou je vinden maar, zo had je ooit gezegd, het zou onvermijdelijk zijn dat iemand je moest vinden. En je meende dat zij het aan zou kunnen. Je deed het voor jezelf maar ik weet dat je ook overtuigd was dat dit beter was dan dat ik op een later tijdstip moest beslissen ‘de stekker eruit te trekken’, zoals we voor mam hadden moeten doen. Je had het voor ons zo goed als je kon uitgedacht.

Maar lieve pap, zo ging het niet. Je gebruikte de methode waar je maanden eerder enthousiast en gefascineerd over verteld had. Waarvan ik had gefluisterd dat je dat ons toch niet aan ging doen. Je deed het toch op die wijze. Het heeft iedere hulpdienst en direct betrokkene getraumatiseerd en wellicht omdat ze het niet konden uitleven op jou, leefden ze het uit op mij. De politie liet ons finaal in de steek, slachtofferhulp werd niet ingeschakeld en toen ik er zelf naar zocht, ronduit geweigerd. Waar ik het gore lef vandaan haalde om hulp te vragen na wat jij twaalf agenten en de assistent officier van justitie had aangedaan. De uitvaartondernemer raakte in shock toen hij je zag, nam buiten mij om alle verkeerde afslagen en maakte jouw afscheid, het laatste wat ik voor je kon doen, voor mij tot een volkomen absurde nachtmerrie. Om me de maandag erna huilend vol excuses details te geven die niemand zo op die manier zou mogen vernemen. Die avond belde ik oom B om hem uitleg en een beter gevoel te geven maar hij ontpopte zich tot de grootste hufter die ik ook ben tegen gekomen. Ik weet niet wat erger was. Dat hij jullie nog eens verbaal begroef of dat hij meende dat ik je “net zo goed in twee vuilniszakken aan de straat had kunnen zetten”. Ik heb al het contact verbroken maar nog heel lang flasbacks en nachtmerries van dit gesprek gehad.

En de nachtmerrie bleef maar doorgaan. Pas in april kreeg ik wat meer informatie over wat er die avond precies plaats had gevonden. Na een afgewezen klachtenprocedure en alleen omdat de hulpofficier van justitie op persoonlijke voet aanbood met me te spreken. Omdat je op je briefje cryptisch je wachtwoorden had opgeschreven zodat ik die bij elkaar kon puzzelen en verder verwijzingen naar gesprekken, vond hij je ‘een ijskoude klootzak’. De notaris maakte fouten, werkte me tegen en moest ik dreigen met aangifte van diefstal bij de politie om de papieren van jou en mam terug te krijgen. Bij de afhandeling van jouw nalatenschap werkten bedrijven tegen en scholden sommigen me uit. De VVE van jouw appartement gedroeg zich schofterig en dreigde met rechtszaken omdat ik tijdelijk uitstel van betaling van de eigen bijdrage nodig had. Jouw arts die ik netjes afbelde werd woedend. Eigenlijk op jou maar bij gebrek aan, reageerde ze haar woede af op mij. Tot mijn verbijstering werd ik bij 113online eerst gecensureerd en daarna verbannen omdat mijn verhaal in bedekte termen toch als te erg en intens werd beschouwd. Ik moest dat “maar achter gesloten deuren laten”. Mijn huisarts deed vol bewondering voor hoe je precies jezelf gedood zal hebben en meende dat ik na vier weken wel uit mijn rouw moest zijn. En zo ging het maar door en voelde ik me bijna een jaar lang alsof ik in de Twilight Zone rond dwaalde en iedereen gek geworden was. Het eindigde in een even afschuwelijke als bizarre confrontatie bij het GGZ waarna ik enkele weken later tussen kerst en oud & nieuw van alle stress en trauma een hartinfarct kreeg.

En je hebt gelijk lieve pap. Dat is allemaal niet jouw schuld. Die mensen hadden stuk voor stuk anders kunnen reageren. Hadden het besef mogen en mijn inziens moeten hebben dat je mijn vader bent. Dat wij een hele nauwe, bijna ongezond nauwe band hadden. Dat ik kapot was van verdriet. En bovenal dat ik niets, echt niets had gedaan om deze afgrijselijke shitshow te verdienen.

Toch ben ik in periodes woedend op je geweest. En nog wel eens heel eventjes. Want hoewel ik heel goed begrijp dat je door ziekte en problemen geen kwaliteit van leven meer had, ook niet zonder mam verder wilde en kon en het rationeel gezien niet jouw schuld is, is het jouw methode geweest die zo velen heeft getraumatiseerd. Waardoor wij op ons beurt intens zijn getraumatiseerd met verstrekkende gevolgen voor ons leven. Ik weet niet eens hoeveel trauma van jouw zelfdoding komt. Het is alles eromheen dat S en mij binnenste buiten heeft gedraaid en de grond in heeft getrapt. En ik weet wel dat als je niet zelf je moment gekozen had, je hoogstwaarschijnlijk later dat jaar heel ellendig zou zijn overleden. Dat neemt niet het gevoel weg dat me soms nog wel eens bekruipt, dat je me in de steek hebt gelaten. Omdat ik je zo verschrikkelijk mis.

Ik denk dat je mijn woede wel zou begrijpen. Al zou je vrolijk met een vleugje sarcasme in discussie gaan om me uit te leggen dat woede jegens jou niet terecht is en je met mij ontzettend kwaad maken om alle klootzakken die ons zoveel pijn hebben gedaan.

Kon ik je nog maar bellen om dit gesprek te voeren.

Comments (0)



Lieve Spot

In een soort intake gesprek liet de stichting ons weten dat je in Portugal uit een dodenstation was gehaald maar warm in huiselijke omgeving opgevangen en goed gesocialiseerd was. Eigenlijk had je niet naar Nederland gehaald hoven worden. Dat onduidelijk bleef waarom je toch hierheen gehaald was, was wellicht een eerste teken aan de wand.

We mochten je ophalen bij een gastgezin. Terwijl ik tegen mijn man had man verteld dat we geïnstrueerd waren rustig binnen te komen en je eerst even te negeren, zat ik tot zijn verontwaardiging direct na binnenkomst al met je op de grond. Dat wil zeggen, als een vrolijke wervelwind rende je om en over eens heen en werden we overladen met knuffels en kusjes. Om even rustig te praten – wij moesten nog goedgekeurd worden om je te mogen adopteren – en papieren te tekenen, werd je in de tuin gelaten. Een enorme tuin met gras, speeltjes en boerderijdieren. Genoeg te doen en ontdekken maar na een half uur zat je nog steeds ongelukkig kijkend op je kont voor de tuindeur. Je had duidelijk geen idee wat je in je eentje kon doen. Het was natuurlijk het tweede teken aan de wand maar al brak het ons hart je zo te zien, ontging ook dit teken ons. Verliefdheid doet dat.

Zonder op of omkijken ging je met ons mee de auto in en de hele weg bleef je zo braaf en stil liggen. Achteraf gezien het derde teken, je was niet zozeer braaf als verstijfd van angst.

Eenmaal thuis vlogen de tekenen ons om de oren. Je wilde niet alleen blijven maar durfde ook niet bij ons in de buurt te liggen. Normaal hielden we geen bench maar het was duidelijk je veilige plek dus hielden we hem maar aan. De eerste nachten moest het ding naast mijn kant van het bed gezet worden, het paste maar net. Een paar keer per nacht huilde je me zachtjes wakker tot ik mijn vinger tussen de tralies stak zodat je wist dat we er nog waren. Een groot hondenkussen vond je wel fijn maar moest aan de andere kant van de kamer liggen,. Trok ik het een stukje dichterbij, ging je er achter liggen.

En je was zo gestrest en bang voor werkelijk alles. Buiten had je daarom geen enkele aandacht voor ons, al bleven we een half uur staan wachten. Je blafte tegen vuilniszakken, papiertjes, struiken, sneeuwpoppen en van alles. Binnen hield je ons alert in de gaten en deed ik iets engs als gordijnen afhalen, struikelen of noem maar wat liet je per ongeluk je plas lopen, soms door het hele huis. Waar je dan zelf ook weer doodongelukkig onder was, ook al vonden we het echt niet erg..

Het eerste contact met de stichting verliep absurd. Omdat de enting stickers in je paspoort dubieus oogden, hadden we je laten checken en opnieuw laten enten bij de dierenarts. In de veronderstelling dat de stichting zou zien dat we goed voor je zorgden, vertelde ik daarover. De mevrouw van de stichting werd echter woedend, beschuldigde ons van dierenmishandeling en dreigde op huisbezoek te komen om je weg te halen. Toen ik weinig vriendelijk duidelijk maakte dat ze een huisbezoek mochten vergeten, dreigde ze me met een ‘knokploegje’ op straat op te zoeken om je ‘terug te halen’. Je zal het niet verstaan hebben maar hou het erop dat je over mijn lijk terug zou gaan naar die klote stichting.

Daarna hebben we een lang gesprek gehad met het gastgezin en je gezocht en gevonden op internet. Niets warm en huiselijk opgevangen. Je was te vroeg bij de moeder weggehaald, had daarna met twintig pups in een kennel gezeten. Je bleek jonger dan in je paspoort stond (anders mocht je niet reizen) en was niet hierheen gevlogen maar met andere honden in een hok op een auto gezet. Het was de bedoeling dat je zoals elke hond eerst drie dagen in de kennel van de stichting zou wennen voor je naar het gastgezin zou gaan. Alleen werd je zo hysterisch en bracht je de andere honden zo in paniek, dat ze je binnen een uur al hebben laten weghalen door het gastgezin.

Voor ons een opluchting dat we geen gezonde, goed gesocialiseerde hond aan het verknallen waren. Voor jou lieve Spot een ontzettend zware start in het leven. En het werd nog erger. De eerste dagen wanneer ik je eten neerzette, ging je heel lief zitten wachten tot ik zei dat je goed was n mocht eten. We waren heel trots op je dat je dat zomaar uit jezelf deed. Tot het omsloeg en het er niet meer toe deed wat ik deed of zei en je stopte met eten. De dierenarts vond fysiek niets mis en stelde verstrekkend kennelsyndroom. Je had zo weinig eigenwaarde en zelfvertrouwen dat je overtuigd was dat je niet mocht eten. Niet alleen hadden we dit nog nooit meegemaakt, we hadden er nog nooit van gehoord.

Geluk bij een ongeluk zat ik al afgekeurd in de WAO, was vrijwel altijd thuis en kon me helemaal op jou richten. We zijn gewoon opnieuw gestart alsof je een pup van zes weken was. Zijn alles gaan bekijken en ontdekken zodat je kon zien dat er niet overal zeskoppige monsters in verstopt zaten. Vierden een feestje toen je voor de eerste keer heel erg voorzichtig naast ons op de bank klom. Deden spelletjes en gaven complimenten om je zelfvertrouwen op te krikken. En het ging gelukkig snel al stukken beter met je. De angst nam af, de plasongelukjes ook en het vertrouwen in jezelf en ons nam elke dag toe. Met de pubertijd kwam zelfs klein kattenkwaad mee. Alleen dat eten …

Bijna een jaar heb ik met je op de grond gezeten om je met de hand te voeren. Al duurde dat vaak rustig een uur, een opgroeiende pup moet nu eenmaal goed eten. De tip van de dierenarts om buiten bij te voeren met heerlijke beloningen als frikandel, leverworst of gekookte worst leverden hele rare taferelen op. Je was er wel blij mee, nam het voorzichtig aan en legde het dan voor mijn voeten weg. Meerdere stukjes legde je naast elkaar in een rechte lijn weg. De dierenarts geloofde het amper tot je het in de praktijk ook deed.

Plan B werkte beter: leren bietsen. Gaf ik een andere hond iets en zag je dat die het opat, durfde jij ook wel. Het was alleen wel opletten dat de andere hond jouw deel niet snel ook opslokte. Toen de poes eenmaal aan je gewend was, kon ik jullie samen eten geven en ging het in huis ook beter. Al is het tot je tiende jaar wel wat problematisch gebleven. Als er ook maar iets afweek of je een geluid hoorde wanneer ik eten gaf, raakte je het niet aan. Hele lekkere dingen die je buiten van bekenden kreeg, at je thuis gewoonweg niet. Pas toen je op je tiende ziek werd, veranderde het plots. Voer wat je eerder niet had willen eten, vond je nu ineens heerlijk. Eke dag at je met smaak bijna je bak erbij op en elke maaltijd waren we daar zielsgelukkig mee.

Och lieverd, je bent zo’n mooie, sterke, gezonde en bovenal lieve hond geworden. Lief voor ons maar ook lief voor familie, vrienden, vreemden, kinderen, buurtkatten en loslopend wild. Je vond het verschrikkelijk wanneer iemand ongelukkig was en wilde dan met knuffels, kusjes en speeltjes troosten. Hadden we een nachtmerrie, dan duwde je jouw rubberen kip (troostkip) bij ons in bed en kwam je over ons heen liggen. In je jonge haren kon je ontzettend hard rennen, alleen een hazewind vriendje hield je tot je frustratie niet bij. Dol op wandelen, struinen en spelen. Populair bij teefjes waar jij ook dol op was, zelfs nadat je gesteriliseerd was. Je begreep niet waarom konijntjes bang voor je wegrenden en niet kwamen spelen. En ook niet waarom honden gingen zwemmen. Was dan weer in extase als een buurkat wel lekker kwam knuffelen. En probeerde in bomen te klimmen om eekhoorns achterna te kunnen. Je voelde je fijn bij kleine kinderen, liet alles van ze toe en was extra voorzichtig en zachtaardig met spelen. Dat rollen door dode vissen en andere dieren of rennen door de stinkende bagger vonden wij dan weer wat minder geslaagd maar vervulde jou met gelukzaligheid.

Ons heb je onbewust door ontzettend moeilijke tijden heen geholpen en hele leuke tijden bezorgd. Je gaf ons liefde, liet ons lachen. En nu ben ik al een maand elke dag aan het huilen. Omdat we je zo, zo verschrikkelijk missen. Het ging ook zo verrekte snel en akelig. Eind januari kwam je met vlag en wimpel door een gezondheidscheck en uitgebreid bloedonderzoek. De dierenarts voorspelde dat je nog een lange tijd bij ons zou zijn en we waren er zo gelukkig mee. Eind februari stopte je met eten, crashte je twee dagen later voor onze ogen, sjeesden we in paniek naar de dierenarts en moesten we je loslaten. Je zat helemaal vol met kanker en bloedde uit je longen. Gelukkig ben je heel rustig bij ons ingeslapen. Het was het enige dat we nog voor je konden doen lieve schat.

Voor altijd in ons hart
Spot 2010-2025

Comments (3)



De wereld draait door zonder As The World Turns

Tweeëntwintig jaar geleden leerde ik het voor het eerst kennen omdat mijn ouders het vaak keken en ik dus soms ‘verplicht’ mee zat te kijken. ‘S avonds laat de herhaling van ‘As The World Turns‘ op RTL 4. Ze waren werkelijk fan van de serie en mijn moeder praatte me gerust drie weken bij als ik weer eens een aantal weken gemist had. Ik moest er altijd een beetje om lachen, mijn ouders waren niet bepaald het soap opera type. Ze hebben het dan ook slechts een paar jaar volgehouden en stopten met kijken, net toen ik – inmiddels het huis uit – de lol er van in ging zien. Niet dat het werkelijk razend interessant was, het verhaalde over het zogenoemde ‘gewone’ leven van een hoop fictieve personages in een even fictief stadje. Een weerspiegeling van het ware leven kon het niet genoemd worden. Elk normaal mens zou zichzelf van het leven beroofd hebben of in een psychiatrische inrichting gestrand zijn, als zij hetzelfde drama mee zouden maken als de personages in de serie deden. Maar toch was het leuk, elke dag kijken wat de scriptschrijvers nu weer bedacht hadden en meeleven met de personages in al hun geluk en vooral ongeluk. Bovenal was het een rustmomentje op de dag waarbij het verstand op nul kon en de waan van de dag plaats maakte voor een stukje simpel leuk. Jaren lang was het een vast ritueel. Schemerlampjes aan, met een kopje warme chocolademelk en een peukje op de bank As The World Turns kijken. Dat wil zeggen, als ik thuis was, het was nog niet zo erg dat ik de deur niet uit wilde om mijn soap niet te missen.

Verder in tijd hoefde ik het niet meer te missen. De videorecorder kwam in huis –  later vervangen voor een harddiskrecorder – en zo ging het van kwaad tot erger. In het begin nam ik het op voor als ik later ziek op de bank lag en me kapot verveelde, iets wat jaren lang veelvuldig speelde. Maar het leek wel alsof de meer ik keek, de minder ik wilde missen. Zelfs als ik een verhaallijn volslagen belachelijk vond, wilde ik toch weten wat er de volgende aflevering zou gebeuren. Het was op de koop toe prettig met mijn ver de nacht in verschoven bioritme. Iets te kijken aan het einde van de nacht zodat ik vervolgens geheel piekervrij in slaap kon vallen. De laatste tien jaar heb ik ‘As The World Turns’ dan ook dagelijks gevolgd en vrijwel geen aflevering meer gemist. Ter hilariteit van mijn omgeving kan ik wel stellen, kijken van soaps levert een mens weinig bonuspunten op.

Net heb ik de allerlaatste aflevering gekeken. En  zult zich wel een breuk lachen, het stemde me een beetje treurig. Na twintig jaar kijken, moet ik een ander ritueel gaan zoeken om gedachten uit te bannen en zonder piekeren naar bed te gaan. En heel eerlijk, zal ik de personages en al dan niet hysterische verhaallijnen ook gewoon missen…

 

Comments (7)



Powered by WordPress & theme based on Lovecraft