Wanneer je – zoals mij overkwam – al jong bij voorbaat als theatrale aansteller wordt gezien, wordt elke klacht, elk probleem en elk symptoom van ziekte in dat licht beschouwd. Alles anders wordt dan een blinde vlek of tenminste dat was bij mij het geval. Het verkeerde narratief dat ik me zou aanstellen en ziekte en pijn zou veinzen om vooral van mijn ouders maar ook anderen aandacht te verkrijgen, werd leidend. En ik werd daarmee compleet onzichtbaar, verloor bestaansrecht en werd alle zorg en hulp ontzegd.
Dit vormt de rode lijn van vijfendertig jaar trauma. Maar die rode lijn gaat gepaard met allerlei acute trauma’s. Die trauma’s willen eruit. Dus heb ik besloten ze niet (meer alleen) zijdelings te benoemen maar de komende tijd een aantal te delen. En wie weet, wil iemand er iets van leren.
Veel mensen – zowel dichtbij als veraf – die over mijn trauma’s hebben gelezen, hebben erg sterk gereageerd op de rol van mijn moeder in het geheel. Zij lijken haar als grootste aanstichter te zien van de vernieling van mij en mijn leven. En vinden het naar of verdrietig of allebei dat ik hier en daar begrip voor haar handelen vraag. Omdat ik hier toch wel wat moeite mee heb, het verhaal van mijn moeder.
Niet alleen is mijn moeder tot halverwege haar zwangerschap van mij vrijwel elke dag intens verbaal en fysiek mishandeld, dit trauma is verweven met een ander complex trauma uit haar jeugd. Om een beeld te schetsen van de intensiteit en complexiteit, een ‘incident’.
Mijn moeder had een iets ouder broertje die rond zijn vijfde jaar vreemde, griezelige neurologische symptomen begon te vertonen. De symptomen escaleerden steeds meer en op zeker moment kon hij vrijwel niets meer zien. Er was niet veel verzorging en op een dag moest hij naar de kapper. Hun moeder – mijn oma – meende dat ze hier geen tijd voor had en dat mijn moeder van amper vijf jaar jong hem aan de hand naar de kapper moest brengen. Ja dat klinkt al bizar in het drukke Amsterdam maar we zijn er nog niet. Jonge jongetjes willen natuurlijk niet aan de hand van hun jongere, kleine zusje geleid worden en zo ook haar broertje niet. Hij duwde en trok, was veel sterker dan een vijf jarig meisje en wist zich los te trekken. Jennend brullend zonder het vermogen te zien rende hij zo hard mogelijk weg … en rende zo een gracht in. Mijn moeder kon hem natuurlijk niet redden maar omstanders haalden hem gelukkig uit het water. De politie kwam erbij en bracht mijn moeder en broertje thuis. Terwijl mijn moeder in shock in de gang stond te wachten, kwam er een dokter bij en werd broertje omringd door hulpdiensten. Hij had het ternauwernood overleeft. Inderdaad, akelig maar we zijn er nog steeds niet. De hulpdiensten gaven hun moeder een reprimande dat een vijf jarig meisje de verantwoordelijkheid had gekregen over een iets ouder, ernstig ziek jongetje met bovendien gedragsproblemen. En vertrokken. Mijn moeder werd vervolgens het hele huis door geslagen onder luid gegil dat dit geen ongeluk was geweest maar mijn moeder – het meisje van net vijf – bewust geprobeerd zou hebben haar broertje te vermoorden.
Twee jaar later, mijn moeder was zeven, ging haar broertje dood. Alleen, in een ziekenhuis. Hun moeder was die ochtend wel ingelicht dat hij die dag zou overlijden. Maar een ‘leuke buurman’ had haar een lift naar huis geboden, dan hoefde ze niet later met de bus naar huis. Dus verliet hun moeder het ziekenhuis en stierf haar zoontje enige uren later, alleen. Hij zal het zelf niet gemerkt hebben, zijn hersenen waren volledig verschrompeld door een toen onbekende hersenziekte. Mijn moeder heeft het toch altijd verschrikkelijk gevonden dat hij eenzaam aan zijn einde moest komen. Vanaf zijn dood werd de mishandeling van mijn moeder zo mogelijk nog erger. En werd regelmatig gezegd, gesnauwd, gegild dat zij – het onnoemelijke klote kind – dood had moeten gaan en niet haar lieve broertje.
Na mijn geboorte werd het niet makkelijker voor mijn ouders. Te vroeg geboren moest ik in een couveuse en in de jaren zeventig mocht de moeder er dan niet bij. Mijn moeder ging elke dag naar het ziekenhuis om met haar neus tegen het glas gedrukt naar me te kijken. Ze hebben vervolgens een periode gedacht dat mijn vader dood zou gaan aan longemfyseem. Bizar en voor mijn ouders gelukkig bleek maanden later het de uitslag van iemand anders te zijn. Alleen kreeg mijn vader niet veel later heftige maagproblemen, wilde men aanvankelijk vanwege zijn jonge leeftijd niet opereren en belande hij van mijn tweede tot mijn vijfde twee en een half jaar lang af en aan in het ziekenhuis en een periode in een sanatorium. Arm als kerkratten, intens getraumatiseerd in een voor haar vijandige wereld en doodsbang dat haar enige veilige persoon en grote liefde in haar leven dood zou gaan, heeft ze toch heel goed voor mij gezorgd.
Toen werd mijn vader toch geopereerd, kwam weer thuis wonen, werd ik vijf en ging dezelfde symptomen vertonen als haar lieve broertje die er zo jong aan gestorven was. Ik kan voor u natuurlijk niet invullen wat er van te denken. Echter kan ik zelf wel enigszins invoelen hoe groot de post traumatische stress paniek zal zijn geweest voor mijn moeder. En begrijp ik goed dat ze niets liever wilde horen dan dat de symptomen bij mij niet zouden wijzen op een fysieke ziekte waar ik heel akelig dood aan zou gaan maar op psychische problemen. Dat laatste zou ik niet aan dood gaan. Dat laatste zou ze eruit kunnen krijgen en desnoods slaan. Ja zeker, het is ronduit afschuwelijk hoe ze het aanpakte maar het is ook de reden dat mijn moeder met hart en ziel dacht me op die manier zo gezond en gelukkig mogelijk op te laten groeien terwijl ze feitelijk me diep traumatiseerde en mijn gezondheid en leven vernielde.
Vergeet daarbij niet dat mijn moeder dit niet maar in haar eentje verzonnen heeft. Ze nam me mee naar een huisarts, het ziekenhuis en heeft me vijf jaar lang regelmatig naar mensendieck gebracht. Er kwam dus een huisarts, een team aan kinderartsen, kinderartsen in opleiding en een team aan fysiotherapeuten aan te pas die haar verteld hebben dat er geen onderzoek nodig zou zijn omdat ik maar wat fantaseerde om aandacht te verkrijgen. Die haar overtuigd hebben dat ze een heel gezonde dochter had met alleen een stapel psychische problemen. En een heleboel instructies meegaven die mijn moeder weliswaar te ver en te hard heeft doorgevoerd maar nogmaals, niet zomaar zelf verzonnen heeft. En iedereen in de zorg heeft dit zonder invloed van mijn moeder snoeihard doorgezet. In mijn vroege kindertijd door mijn pubertijd, jong volwassenheid tot mijn veertigste.
Daarnaast was mijn moeder niet maar een narcist die haar dochter mishandelde. Op alle andere vlakken deed ze haar best en zorgde goed voor me. Hoe arm mijn ouders ook waren, ik heb daar in mijn jeugd weinig van gemerkt. Ik kreeg prima te eten, ook als zij twee weken op watermeloen moest leven. Zat goed in de kleding en ze maakte soms zelf jurken voor me of naaide leuke patches op mijn broeken, ook als er geen gaten in gevallen waren. Ik had veel speelgoed, een eigen speelhoek en als enige een eigen kamertje. Ze bleef familie zien, ook haar moeder omdat ze mij mijn familie niet wilde ontnemen. Is pas gaan vertellen over haar jeugd toen ik een tiener was en vragen ging stellen, daarvoor bleef ze ondanks bizarre voorvallen positief over iedereen. Was iemand op school of elders in haar ogen onredelijk over of tegen me, ging ze verhaal halen en was beslist niet mals. Later zou ze zichzelf flink laten vernederen om me, zoals ik wilde, op het VWO te houden. Ze was altijd thuis voor me, ik ging pas naar de overblijf na heel lang zeuren van mijn kant. We deden spelletjes, samen kleien, tekenen, schilderen, knippen, prikken, plakken, knoeiden met inkt en bouwden met lego. We konden hysterisch samen lachen en toen we eenmaal een tv kregen, dansten we samen op muziek van TopPop. Ze gaf me zelfvertrouwen en eigenwaarde mee, leerde me op te komen voor mezelf en dat het goed en leuk is om afwijkend en uniek te zijn. Mijn moeder was een hele leuke, vriendelijke, warme vrouw vol hartstocht en humor. Van binnen was ze ze alleen met de grond gelijk gemaakt, zaten intense psychische problemen verborgen die grote gevolgen voor haar én voor mij hebben gehad. En jawel, ze heeft uiteindelijk wel hulp gezocht en is mijn gehele pubertijd in therapie en op allerlei cursussen geweest in een poging zichzelf een beetje te helen.
Tot slot is onze band langs de tijd sterk veranderd en in de laatste jaren sterk verbeterd. Rond mijn vijfentwintigste en de misdiagnose ME/chronisch vermoeidheidssyndroom zijn mijn ouders in gaan zien dat ik erg ziek en beperkt was. Zijn ze heel erg achter me gaan staan. Hebben in veel opzichten geprobeerd me te helpen. Mijn moeder heeft bovendien voor een deel van haar gedrag in mijn jeugd excuses aangeboden. Niet voor het belangrijkste deel met betrekking tot mijn gezondheid, ik werd tot enorme woede van mijn ouders toen nog steeds niet gezien door de zorg en we wisten alle drie nog niet wat er allemaal verwoestend verkeerd gegaan en gedaan was. Maar voor wat bekend was, heeft ze uit zichzelf verantwoordelijkheid genomen en dat was voor mij heel veel waard. De laatste jaren van haar leven kwamen we weer erg dicht bij elkaar. We belden een paar keer per week uren- en uren lang en ik vertelde haar vrijwel alles.
Tien februari 2002 is ze in onze armen overleden aan de gevolgen van blaaskanker, chemokuren en een ingrijpende operatie. Ze heeft net de 47 niet gehaald. Mijn vader en ik hebben haar moeder nooit meer willen zien. Waar mijn moeder altijd had gesmacht naar erkenning en liefde van haar moeder en haar in haar leven wilde houden, hadden wij het altijd afschuwelijk gevonden te zien hoe mijn moeder daar aan onder door ging.
Ik heb mijn moeder niet kunnen confronteren met wat ze me heeft aangedaan. Op haar sterfdag tien jaar later kreeg ik pas de bevestiging van ernstige schade aan zenuwbanen en spieren en met terugwerkende kracht de diagnose ziekte van Charcot Marie-Tooth. Langs de maanden erna werd mij steeds verder uitgelegd wat mij was overkomen en aangedaan, welke schade dat heeft gedaan en hoe dat anders en beter had kunnen en moeten gaan. Mijn v ader heb ik het eveneens niet meer kunnen vertellen, hij was drie jaar eerder uit het leven gestapt.
En eerlijk, ik heb geen idee wat er was gebeurd als ik mijn ouders en met name mijn moeder wel had kunnen confronteren met wat ze me aangedaan hebben. Had ik het wel gedurfd? Had ik het wel aangekund? Ik ben er vrij zeker van dat mijn ouders verteerd zouden zijn geweest door schuldgevoel. Dat wil niet zeggen dat hun reactie goed was geweest. En ik had bovendien geen ruimte gehad om het over hun gevoelens te laten gaan. Overigens hebben zij het op een zeker punt in mijn volwassen leven waarschijnlijk geweten. Maar dat is een verhaal voor misschien een andere keer.
Dit vertellen is geen vergoelijking. Het maakt wat mij is aangedaan beslist niet minder erg. En ook niet makkelijker te dragen. Het is een verklaring. Voor mij heel belangrijk om enigszins te kunnen begrijpen wat mij is overkomen en aangedaan.
Tag: Oma
Mijn oma is plots verdwaald geraakt in de wereld vol afkortingen die ‘zorg’ heet maar dat niet is. In één dag raakte ze haar huishoudelijke hulp kwijt, kon niemand haar vertellen hoe het verder moest en werd haar scootmobiel afgepakt. Hier, hier en hier kunt u lezen waar het om gaat.
Afgelopen week zou ik teruggebeld worden met betrekking tot het plots intrekken van de huishoudelijke hulp voor mijn oma. Dat gebeurde (natuurlijk) niet. Sterker, betreffende mevrouw was wegens vakantie gewoonweg niet aanwezig. Dat zijn nog eens fijne afspraken nietwaar *zucht*. Mijn oma had ondertussen een andere naam opgevangen waar ik contact mee op kon nemen, ene Edda. Helaas, Edda bestond niet en na twee dagen over en weer bellen – waarbij men erg onhandig alleen gebruik maakt van voornamen van personen die totaal versnipperd ende verdeeld in een scala van teams, afdelingen en groepen rond wandelen – bleek het om een Gerda te gaan. Die er niet was maar de volgende dag te bereiken viel. Toch, het mag gezegd, het leverde een zeer verhelderend gesprek op. De indicatie (Zorg Zwaarte Pakket, ZZP) om bij het verzorgingshuis te mogen aanleunen, bevat tevens huishoudelijke hulp. Alle bewoners met zo’n pakket hadden dus al jaren thuishulp vanuit de eigen organisatie moeten krijgen, maar voor een aanzienlijke groep mensen was dat even vergeten. De gemeente had dan ook geen fout gemaakt door de (Wet Maatschappelijke Ondersteuning, WMO) indicatie inclusief huishoudelijke hulp in te trekken. De gemeente was de fout aan het corrigeren dat velen onterecht, zonder het te weten en dus dubbelop huishoudelijke hulp via de WMO kregen (Vraagt u zich nog af waarom de zorg zo duur is?). Waarom de gemeente dan per brief aan mijn oma had geadviseerd om Persoons Gebonden Budget (PGB) aan te vragen blijft een raadsel, er wordt immers al lang en breed betaald voor het aanleunen en daar dient de huishoudelijke hulp gewoon door gefinancierd worden.
Overigens toch wel sympathiek, naar aanleiding van mijn eerdere gesprek met de gemeente hebben ze op eigen initiatief contact opgenomen met mijn oma om te vragen of ze was bekomen van de schrik, het wel goed met haar ging en na te gaan of ze wel ergens anders hulp vandaan kreeg. Toegegeven, dat had best gemogen zonder dat ik aan d ebel was gaan trekken. Maar mijn oma kon het zeer waarderen en daar gaat het maar om.
Toch eindigt het niet helemaal zo mooi en fijn. Binnenkort zal mijn oma weliswaar een nieuwe vaste huishoudelijke hulp krijgen, maar in plaats van twee maal per week twee uur wordt het gehalveerd naar eenmaal per week twee uur. Dit omdat de indicaties worden vastgesteld en getimed op de bewoners van de verzorgingskamers, niet op de bewoners die aanleunen met zelfstandige en dus grotere woonruimte (twee kamers, badcel, keuken). De verwachting is dat twee uur per week toch te weinig zal blijken en men zal gaan proberen de indicatie weer uit te breiden, maar of dat lukt is zeer de vraag.
Ondertussen viel er vandaag ook een brief over de scootmobiel in de bus. Ze ‘mag’ hem dit jaar nog ‘houden’ (wassen neus, de nieuwe regeling gaat simpelweg pas volgend jaar in en heeft weinig met liefdadigheid te maken) maar februari 2012 wordt de scootmobiel bij haar weggehaald en beland in de fietsenstalling als leen-scootmobiel voor een ieder die hem wil reserveren. En naar de fietsenstalling kan lopen, iets wat mijn oma in elk geval niet kan. De eerdere toezegging dat mijn oma met betaling van dertig euro per maand de scootmobiel voor eigen gebruik zou mogen houden, was nergens meer te bekennen. Dat ze eerder een aanzienlijke bijdrage heeft betaald voor deze scootmobiel die nu weggehaald wordt, weet al helemaal niemand meer. Mijn tante heeft uit armoede een oplossing bedacht, ze gaat met mijn oma volgend jaar een tweede hands scootmobiel kopen zodat ze gewoon uit de ‘voeten’ blijft kunnen en niet meer bang hoeft te zijn dat er telkens van alles veranderd.
Verder nog een beetje mot met de huisarts van mijn oma tussendoor, over haar pas (en veel te laat) gestarte behandeling tegen B12-tekort die nogal verkeerd aan het lopen was. Het werd me niet in dank afgenomen maar er zijn afspraken gemaakt. Nu maar zien of de praktijk goed zal volgen.
Enfin, zo gaat dat dus tegenwoordig als je 87 jaar bent geworden en hoewel nog best energiek, wat hulp en medische zorg nodig hebt. Voor je met je ogen kan knipperen wordt je fijne en lieve huishoudelijke hulp plots weggehaald, je indicatie gehalveerd, je vervoersmiddel afgepakt en neemt de huisarts niet de moeite je gedegen te behandelen omdat de uitspraak ‘ach dat is ouderdom mevrouw’ zo makkelijk bekt.
Mijn oma is plots verdwaald geraakt in de wereld vol afkortingen die ‘zorg’ heet maar dat niet is, hier en hier kunt u lezen waar het om gaat.
Er is goed nieuws en er is vaag nieuws. Het goede nieuws is dat de zorginstelling waar mijn oma ‘aanleunt’ met terugwerkende kracht – alsof men dat stiekem al wist en mijn bellen er niets mee te maken had – heeft besloten dat zij oma CiNNeR natuurlijk niet in de kou laten staan. Ze krijgt in de tussentijd een soort ‘nood’ huishoudelijke hulp van de instelling zelf zonder de garantie dat dat ooit betaalt zal gaan worden. De hulp zal niet vast en niet wekelijks de volle vier uur zijn die ze normaal had, maar het is toch een super nette oplossing! Hopelijk kan mijn oma hier weer wat beter mee slapen.
Zeer vaag was dan dat het zoeken naar de juiste oplossing meteen gestopt leek te zijn. Alle toezeggingen die ik gisteren had gekregen, waren overnacht als sneeuw voor de zon verdwenen. Zelfs de toezeggingen die eerder aan mijn oma waren gedaan, wist niemand zich meer te herinneren. Er gebeurde dus feitelijk op alle gebieden absoluut niets. De gedachte dat ‘in de tussentijd’ betekent dat er nog iets anders zal moeten volgen, kwam schijnbaar niet bovendrijven. Mijn vriendelijke verzoeken toch nog wél even op zoek te gaan naar eventueel gemaakte fouten en/of de juiste oplossing, stuitte op behoorlijk wat weerstand. Maar goed, ik heb de tijd en wil gerust vriendelijk ende uitputtend in herhaling vallen. Dus kwam er uiteindelijk weer een nieuwe naam met een nieuwe afkorting op mijn lijstje bij waar ik hopelijk volgende week iets zinnigs van terug ga horen. Ik ben benieuwd!
Introductie: mijn oma heeft na de zelfdoding van haar zoon (mijn vader) in januari 2009 een indicatie gekregen voor een zelfstandige woonruimte binnen een instelling. Zeg maar een aanleunwoning waarbij ze gebruik kan maken van het gezondheidscentrum, enige begeleiding, gezamenlijke maaltijden en mogelijkheden voor dagbesteding (spelletjesmiddagen, lezingen, gespreksgroep en dat soort activiteiten). Ze woont daar sinds februari 2009. Omdat ze zelfstandig woont, had ze tot nog toe recht op hulp in de huishouding voor 4 uur in de week.
Anderhalf uur bellen in verband met het intrekken van huishoudelijke hulp voor mijn oma leverde het volgende verwarrende verhaal op:
DMO (Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling) Gemeente Servicepunt Z: “Uw moeder (nee, mijn oma) gaat binnenkort verhuizen naar een zorginstelling (nee, daar woont ze al twee en half jaar) en dus is haar indicatie veranderd. Ow, ze woont daar al lange tijd? In dat geval zijn de regels veranderd (dat gaat rap). Haar indicatie is gewoon ingetrokken, dus moet ze een PGB (Persoons Gebonden Budget) aanvragen. Waarom haar indicatie is ingetrokken? Nou dat leg ik u net uit, uw moeder (nee nee, mijn oma) gaat in de toekomst verhuizen naar een zorginstelling (erm, daar woont ze dus echt al twee en half jaar). Of nou ja, in elk geval heeft uw moeder (mijn oma!) een indicatie voor de instelling waar ze blijkbaar al woont. De instelling zorgt voor huishoudelijke hulp, dus heeft uw moeder (WTF) geen recht op een voorziening van de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning). Ik begrijp niet waarom u belt, uw oma heeft 9 mei jongstleden al de afwijzing ontvangen? U zegt, geen brief gehad? Ow wacht, de aanvraag was 9 mei binnen. Ja inderdaad, dat was keurig op tijd. Maar wij staan in ons recht hoor mevrouw, de oude indicatie van uw moeder (laat maar!) liep tot 2 juli en 29 juni hebben wij de afwijzing verstuurd. Geen tijd meer om de juiste aanvragen te doen nee. Uw moeder (mijn oma!!!!) moest er om huilen? Och dat is heel naar. Maar wij hebben het juist afgehandeld. Wij hadden tot 2 juli de tijd om af te wijzen en dat hebben we eind juni dus op tijd gedaan nietwaar. U begrijpt nog steeds niet waarom de indicatie van uw eh .. oma is afgewezen? Ik leg het toch allemaal heel duidelijk uit. Nou weet u wat, momentje, dan verbind ik u door met iemand anders.”
“Goedemiddag. U begrijpt niet waarom uw moeder geen PGB krijgt? (Zucht!!) Ow uw oma? En ze wil geen PGB? Ow ik zie het, ze krijgt geen huishoudelijke hulp meer. Ja maar uw moeder (OMG!) heeft een ZZP (Zorg Zwaarte Pakket) in haar indicatie staan, omdat ze binnenkort naar een zorginstelling gaat verhuizen (tssssssssss) . Daar zit huishoudelijke hulp in opgenomen, vanuit de instelling zelf. Dus dan heeft uw oma geen recht meer op WMO. Dat zou dubbelop zijn (aha). Maar u kunt gewoon al een alfahulp inhuren hoor, want het PGB wordt met terugwerkende kracht verstrekt. Wat zegt u nu, als het budget leeg is worden er geen PGB’s meer verstrekt? Waar haalt u dat nou vandaan? (Nou, nieuws kijken wellicht). Och nou, dat wist ik niet. Wat vervelend. En het PGB gaat op de schop, nou dat is vast niet waar hoor mevrouw. Ow, ook doorlopend in het nieuws? Nou ja, daar weten wij niets van. U kunt ook in bezwaar gaan tegen de afwijzing natuurlijk. Al bent u eigenlijk te laat, want de afwijzing is van 9 mei dit jaar. Wat? Och u heeft gelijk, de afwijzing is van 29 juni. Nou dan kunt u gerust in bezwaar. Nee inderdaad, dat bezwaar wordt afgewezen en dan bent u acht weken verder. Niets opgeschoten dan nee. Nou ja, misschien toch geen goed advies. (???!!!) U kunt dan beter de ZZP in laten trekken. Nee dan mag ze niet op de instelling blijven wonen nee. Och misschien ook niet zo’n goed advies dan (Mijn hemel, wat voor mensen zitten daar in hemelsnaam?!!). Nou ja, in elk geval kunnen wij niets voor uw moeder (woeaah!!) doen. U moet maar bij de zorginstelling informeren. ”
De zorginstelling was een stuk vriendelijker maar gaf een heel ander – minstens zo verwarrend – verhaal. De eerste verzorgster die ik sprak, gaf aan dat mijn oma een zwarte werkster zou kunnen huren. Dat is 25 euro voor twee uur per week. Dat dat in feite geen oplossing is vanuit een zorginstelling gaf ze ruiterlijk toe, maar ze had dan ook helemaal nergens verstand van (?!). De tweede verzorgster wist iets meer. Dat wil zeggen, net zoveel als ik. Ze wist te vertellen dat mijn oma een ZZP Pa1 heeft (PA geeft zwaarte van zorg aan), waar geen huishoudelijke hulp in zit. Waarom de indicatie WMO huishoudelijke hulp dan geweigerd is, begreep ze ook niets van. Het zou toch een fout van de gemeente kunnen zijn, maar hoe ze dat moet uitzoeken, wilde ze van mij weten. Een optie is wel om een alfahulp voor mijn oma in te huren. Maar uit het niets krijgt ze dan plots twee uur per week minder huishoudelijke hulp. En de zorginstelling wil de alfahulp dit jaar niet aanvragen, omdat zij zeker weten dat de PGB’s al opgesoupeerd zijn en dus niet toegekend zal worden(!). Bovendien zou het 1 januari 2012 weer ingetrokken worden. En wie moet dan de rekening betalen? Dus had men gewoon helemaal niets gedaan en wist men nu eigenlijk niet welke actie te ondernemen. Nogal bizar droeg ook zij de optie aan om de indicatie die haar het recht op de woning geeft, in te laten trekken. Om na uitleg mijnerzijds te concluderen dat dat wel een erg beroerde oplossing zou zijn. Uiteindelijk kreeg ik de toezegging dat er een zorgmanager bijgehaald gaat worden, die er hopelijk wel iets meer verstand van heeft. Daar hoor ik binnenkort van terug.
Mijn oma kreeg van een van de verzorgsters vervolgens de optimistische mededeling dat zij het met mijn hulp deze week nog allemaal zouden regelen en oplossen. Nogal kort door de bocht als je bovenstaande leest, we zijn immers eigenlijk alleen nog maar verder van huis dan de dag er voor. Verder had ze van de directrice te horen gekregen dat vrijwel alle bewoners dit probleem hebben en ‘ze ‘ het voor iedereen aan het oplossen zijn. Lijkt me stug, had ik niet gebeld was er op aangeven van mijn oma absoluut niets gebeurd duidelijk. Ondertussen had mijn tante gemaild naar de gemeente met dezelfde vraag waarom de indicatie van mijn oma is ingetrokken. Zij kreeg snel een totaal absurd antwoord. Namelijk dat het zomaar zou kunnen dat de gemeente een fout heeft gemaakt met de indicatie stelling. Maar dat men pas weet of dat zo is, als de fout opgespoord zou worden. Men spoort de fout niet op, dus kan niet met zekerheid gezegd worden of er een fout is gemaakt. (Ja, werkelijk!!).
Enfin ..
Het komt heus allemaal wel goed hoor …
Uiteindelijk …
Ooit ..
Wordt vervolgd ….
“Lieverd, ik wilde je wat vertellen” hoorde ik mijn oma zeggen op ons antwoord apparaat. Dus belde ik haar later op de dag terug. In de verwachting dat ze misschien gevallen was, er een nieuwe bewoner in haar zorghuis was komen wonen of ze een leuk idee had. Maar nee, niets van dat al. Ze belde om te vertellen dat een mevrouw geprobeerd had haar scootmobiel af te nemen en een mijnheer er voor had gezorgd dat ze geen thuishulp meer krijgt. Haar thuishulp had vanochtend al met tranen afscheid genomen zonder een koekblikje af te stoffen, ze moest per direct weg. Mijn oma had de halve dag zitten huilen.
Erm?
De scootmobiel was een apart verhaal. In Almere zijn ze bezig met het instellen van zogenoemde ‘leen scootmobielen’. Met een verwijzing van de huisarts kan je naar een zorginstelling in de buurt om een scootmobiel uit de fietsenstalling te halen en een dagje op stap te gaan. Mijn oma kan vanwege twee kunstheupen, een kunstknie en de mooie leeftijd van 87 niet best lopen en heeft al vijftien jaar een eigen scootmobiel van de gemeente. Die gemeente besloot nu plots dat het een uitmuntend idee zou zijn haar scootmobiel bij mijn oma’s voordeur weg te halen en in de fietsenstalling te plaatsen. Hij bleef dan wel van mijn oma, maar ook anderen zouden hem kunnen lenen. Wilde ze de scootmobiel dan zelf gebruiken, moest ze hem maar even ‘reserveren’. Mijn oma vond dat een naar idee. De fietsenstalling is te ver weg, daar kan ze zonder scootmobiel niet komen(!). Bovendien is haar toestand nogal wisselend, waardoor het zeer handig is dat ze bij elke goede bui in haar scootmobiel kan klimmen en zeer onhandig als ze zou moeten reserveren. Kwiek vroeg ze of dat niet anders kon, als ze er voor zou betalen bijvoorbeeld. En tee dee hee, dat kon ineens wél. Dertig eurootjes per maand neertellen, dan mag de scootmobiel in haar gebruik blijven. Nog kwieker merkte mijn oma op dat dertig euro best veel is voor iemand met alleen AOW. En tee dee hee, wellicht is het vaste bedrag per maand bij nader inzien iets lager. De mevrouw gaat het allemaal toch maar uitzoeken. Alsmede de taxivergoeding. Want als ze een scootmobiel kan rijden, zou ze plots geen taxi nodig hebben als ze naar het ziekenhuis moet. Maar dat is niet zeker. Mijn oma ziet het met wantrouwen tegemoet en heeft het gevoel dat ze binnenkort de deur niet meer meer uit zal kunnen.
Het verhaal met de thuiszorg is nog absurder. Ze kreeg vier juli een brief in verband met de veranderingen per 1 juli(!?). De brief stond vol met alle mogelijke zorgpakketten die in Almere te krijgen zijn. En vertelde mijn oma ongevraagd dat ze ‘moest’ kiezen voor een Persoonsgebonden Budget (PGB) omdat dat ‘het meest geschikt’ zou zijn voor haar en haar hulpvraag (vier uur hulp in de week). Of ze dat tijdig wilde regelen en aanvragen, want door haar gedwongen ‘verkozen’ overstap van thuishulp in natura naar PGB, werd per 1 juli de thuishulp ingetrokken. De zorgcoördinator van de zorginstelling waar ze woont, was ook flabbergasted maar in plaats van even te helpen een en ander recht te breien, besloot ze dan maar een PGB voor mijn oma aan te gaan vragen. Met de mededeling dat zo’n aanvraag minimaal zeven weken duurt dus ze die periode in elk geval geen hulp krijgt. Wat het allemaal in zou gaan houden, niemand kon het haar vertellen.
Mijn oma had geen idee wat een PGB is, wil ook helemaal niet zelf haar zorg gaan inkopen en begrijp er allemaal niets van. Een blik op de site ‘Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling‘ en de wetenschap dat zo’n PGB – als het al toegekend zou worden – per 1 januari 2012 alweer opgeheven zou worden, doet mij vermoeden dat er gewoon een blunder is gemaakt door een of andere mongool ambtenaar. Jammer dat al die verzorgers die haar zouden moeten helpen, gewoon vrolijk mee blunderen. Maar goed, het houdt me van de straat zullen we maar denken.
Nu maar hopen dat ik niet alleen de veranderingen teruggedraaid krijg, maar het ook voor elkaar kan boksen dat ze op korte termijn weer thuishulp kan krijgen. Het liefst dezelfde hulp die ze al had. Inderdaad, ik ben optimistisch gestemd vandaag.
Hebben ze toch %^*%%@!! gewoon mijn oma opgelicht. De oplichtingstruuk is een nieuwe variant van de ‘Neppostbode‘. Een man deed zich voor als TNT post bezorger en bood een pakje aan. Wel moest ze even tekenen en strafporto á 0,75 eurocent betalen. U raadt het al, de porto kan uiteraard niet contant worden afgerekend, of mijn oma even wilde pinnen. Na het pinnen kreeg ze toch het pakketje niet, iets verkeerd met het tekenen. Ze zou vanmiddag nog gebeld worden door ene Thea en dan zou die precies uitleggen hoe en wat. Morgen zou ze dan het pakje krijgen.
Fictieve Thea zal nooit bellen maar gelukkig belde ik toevallig mijn oma net na het gebeurde die enthousiast vertelde ‘wat haar nu toch was overkomen’. Slechts alleen verontwaardigd dat ze niet wist wat er in het pakje zat. Dus kon ik haar tijdig uitleggen dat ze was opgelicht en nu meteen haar bank moest bellen om alles te laten blokkeren. Zo gezegd (en drie keer uitgelegd) zo gedaan. Gelukkig was ze er snel bij en was er nog niets van haar rekening verdwenen. Hopelijk vergeet ze geen aangifte te doen, ze zal de enige in de wijk niet zijn.
Ok, het was van mijn oma weinig snugger om er in te trappen maar toch. Hoe hufterig is het om 84-jarigen van hun AOWtje te gaan beroven!